Het nieuwe lichaam

Het menselijk lichaam is een raar ding.
Je zou zeggen na miljoenen jaren evalueren zou je toch de meest praktische uitvoering krijgen. Dat is ook zo, maar dat is gebaseerd op hoe de omgeving er die miljoenen jaren uit zag en niet hoe die de laatste paar honderd jaar is veranderd. Nu moeten we de meest rare dingen doen om ons lichaam aan te passen aan de nieuwe omgeving en omstandigheden met allerlei hulpmiddelen en gereedschappen.
Ik stel mij voor dat als we een lichaam opnieuw zouden moeten ontwerpen, het er heel anders uit zou zien. Ik vind het bijvoorbeeld heel raar dat het gat om zuurstof binnen te krijgen hetzelfde gat is om voedsel in je lichaam te krijgen. Kun je je alleen maar verslikken. Ik zou dan, net als bij vissen, dit gescheiden houden en er twee openingen van maken
Zo is het ook raar dat de openingen om afgewerkt voedsel er uit te laten en afgewerkt vocht, zo dicht bij het baby'tjes maak en werpkanaal zit. Niet echt hygiënisch dus ik zeg, een eindje uit elkaar. Bij een man wordt zelfs het afvoerbuisje voor afgewerkt vocht ook gebruikt voor zaadjes. Niet fris hoor.
Ik was dus begonnen met het volledig uit elkaar halen van het menselijk lichaam in losse onderdelen en het opnieuw - en dan logischer - in elkaar zetten. Zo had ik de anus onder de rechter voetzool geplaatst en de plasbuis onder de linker. Dat leek mij wel makkelijk. Geen ingewikkelde toiletten meer en veel hygiënischer. De oren plaatste ik op de bovenkant van de handen. Ga maar na dan kun je veel makkelijker richten als je iets wilt horen, maar ook omdat op de oude plaats van de oren nu de luchtinlaten zitten, zoals dus bij vissen.
Gaandeweg gaf ik alles een nieuw plaatsje, maar kwam er al snel achter dat het beter zou zijn om sommige onderdelen helemaal niet meer te gebruiken of van sommige onderdelen meer exemplaren te plaatsen en zelfs, nieuwe onderdelen te ontwerpen.
Ik haal alles weer uit elkaar en begin met een heel nieuw concept. Ik begin met de armen en handen. Welke klusser of huisvrouw komt er nou niet die spreekwoordelijke derde hand te kort. Ik maak er gelijk vier van, met natuurlijk ook vier armen. Ik neem twee korte en twee lange armen, want dat lijkt mij handig (!). Ook oren en ogen komen we altijd te kort dus in besluit dat ook te verdubbelen. Vier oren op vier handen plaatsen komt wel goed uit, maar lijkt mij nu bij nader inzien toch niet zo slim, omdat de kans op beschadiging van de oren wel groot wordt. Omdat ik mijn idee van kieuw-achtige luchtinlaten niet los wil laten, moet ik wel zoeken naar een andere plek voor de vier oren. Ik besluit deze als laatste te plaatsen, waar er nog ergens plek over is.
Ik vind de ogen, zoals op het huidige lichaam, eigenlijk wel op de goede plek zitten, maar plaats er nog twee bij aan de achterkant van het hoofd. Inclusief oogleden en wenkbrauwen. Hoofdhaar doe ik trouwens niet meer aan. Dat is nutteloos. En dan de neus. De vraag is één of twee of meer? En waar? Sinds de kieuwen wordt hij niet meer gebruikt om te ademen, maar nog wel om te ruiken. En dat in combinatie met je smaak in je mond. Ik laat hem maar even zitten zoals hij zat, bij de mond die ik ook laat zitten.
De benen zitten wel handig aan de onderkant besef ik. Ik denk er twee bij te zetten maar ga nu helemaal los en zet er liever twee zijwieltjes bij. Tegen het omvallen, maar wel van menselijk materiaal. Tenen doe ik niet meer aan, tenminste niet zoals we ze gewend zijn. Ik maak er twee per voet. Eentje links naar voren gericht en een rechts naar voren. Maar dan veel breder en plat van onderen. Staat goed stevig. Nagels zet ik er niet op, want dat heeft geen nut.
Het begint er al aardig op te lijken en de buitenkant is zo goed als klaar. Ik verplaatst de lange armen naar beneden, ter hoogte van de heupen zet ik ze neer. Ik weet niet waarom, maar het lijkt mij handiger. Schaamhaar, okselhaar, borsthaar en hoofdhaar plaatst ik niet meer terug. Het enige haar dat overblijft zijn de vier wenkbrauwen. Dat moet wel ter bescherming van de ogen heb ik ooit gelezen.
De buitenkant is nu zo goed als klaar. Ik moet nog wat met de huid, maar dat doe ik later. En ik moet nog bedenken of ik bij vrouwen nog extra borsten plaats. Ik heb een persoonlijke voorkeur voor borsten op de rug van de vrouw. Erbij dan. Enfin, komt later wel, nu eerst de binnenkant.
Ik heb allerlei organen liggen en weet wel ongeveer waar ze voor zijn. De maag om de braadworst te verteren, de lever om de alcohol af te breken en de nieren om het bier om te zetten. Het hart om verliefd te worden en de darmen om van alles wat je zoal naar binnen slaat iets nuttigs te maken. Ik vind dat erg omslachtig en maak er één orgaan van. Een soort blackbox, eentje die alles doet. Eten en drinken verwerken en bloed rondpompen. Ik kan geen naam voor dit orgaan bedenken, maar besluit er wel twee in het lichaam te zetten. Er gaat nog wel eens wat mis met dat spul en daarom een reserve.
De longen maak ik groter, veel groter, dan hoef je niet zo vaak te ademen. En ik zet er twee sets in, eentje om te ademen en eentje om te roken. Maar dat neemt wel veel ruimte in. Ik besluit het middenlijf dan maar een stuk groter te maken. Zo’n 50 cm langer om genoeg ruimte te hebben voor die grote longen. De onderste armen zitten nu wel ver weg van de bovenste armen daardoor, maar dat moet dan maar. Op de plek waar eerst de lever zat prop ik nu nog wat extra hersenen. Kan nooit kwaad een beetje meer denkkracht.
En dan, wat heb ik nog liggen? Een galblaas, schildklieren en een milt. Ik neem een flink besluit en plaats ze niet. Dat moet ook zonder kunnen.
Nu de binnenkant ook klaar is schiet ik al lekker op. Ik moet nog wat met de huid. Ik kies voor een mooie donkerbruine huid. Maar ik wil ook dat de huid een goed bescherming biedt voor de binnenkant en maak hem dan ook acht centimeter dik met een tussenlaag van een centimeter ondoordringbaar materiaal. Zoiets als een ingebouwd kogelwerend vest. Kun je niet meer zweten, maar ik sloofde me toch al nooit zo uit dat ik moest zweten.
Het enige wat ik nu nog heb liggen is wat klein spul, de borsten, de eierstokken en… de oren. Ik kom er niet uit om een logische plek voor de oren te vinden en ik zet ze daarom maar bovenop het hoofd, zoals bij Mickey Mouse. Maar dan in en vierkant, naar alle windrichtingen gericht.
Ik beschouw mijn creatie en bedenk hoe handig dit zou zijn om de dagelijkse dingen te doen.
Eerst maar eens proberen hoe het gaat voor ik de nieuwe vrouw ontwerp. 
Langzaam laat ik hem opstaan. Hij is wel erg lang en ziet er wat slungelig uit. Die zijwieltjes werken goed, maar er moet eerst wat eelt op komen, want zo doet het wat zeer.

Ik ben tevreden en voel mij een beetje God.

© Ghans Dorrebrein

Home