Het nachtwoud

Doordrammerige dijklonte
Knierden over de veeknotten
Met hele grote stappen

Ratelend en riespend
Verdraaiden de mondago’s
Blind rond de katonkel

Met zwier en zweem
Geluidloos snaterend
Door het papaver veldje

Door knast en kuier
Als een porrige schallebijter
Stuiterend op een bospad

Galsterig en gradoom
Ruisde de knoestige klanda
Door de zachte zwoele nacht

De erudiete eneugh
Kapittelde een doerse bork
Onder een zwarte hemel

De vlezige vijnzaard
Met een diminutieve rapel
Kon de lucht weerstaan

Een onteuge ommert
Wankelend op een bieschar
Rook de frisse wind

En ook ik
Ook ik
Ik


©Ghans Dorrebrein
Home